LUNA EN DE DINO DAKPAN MOUNTAIN
Ruud en ik trouwen over een maand en nou ja, het begint allemaal wel heel dichtbij te komen. Over het met hem trouwen heb ik 0,0 twijfels, maar of we ons huwelijksfeestje nou wel in ons eigen huis en in onze eigen tuin hadden moeten plannen. Daar slaat de twijfel dus wel toe. Het hele leven is me sowieso momenteel en over het algemeen al te veel, maar als ik eraan denk wat er allemaal nog moet gebeuren, dan schiet ik in een volledige paniek-modus. En vroeger schoot paniek of stress of ellende bij mij naar buiten, naar actie, naar dingen doen. Nu zit ik op de bank te wachten en hopen tot ik weer in een actie-modus schiet. Gebeurt bijna nooit.
“Ik kan je woensdag of vrijdag komen helpen met de tuin”, appte vriendin M.
“Ehm, eh, eh, woensdag?”
Je hebt mensen in je leven nodig die duidelijk communiceren. Die heb ik altijd al nodig gehad, maar misschien nu nog wel even meer. Helder. No bullshit. Niet ‘als ik iets moet doen, moet je het zeggen’, maar ‘ik kom je nu helpen met de tuin’. En dan nog vind ik het moeilijk om hulp te accepteren, want ergens in m’n achterhoofd blijft altijd dat stemmetje dat zegt dat ik het zelf moet doen, dat ik het heus wel zelf kan, als ik maar weer in een actie-modus zou schieten. Maar qua huis, tuin, schuur is die actie-modus al tijden heel erg ver te zoeken.
Maar vriendin M. kwam, zag en overwon het grootste gedeelte van het onkruid en de chaos in de tuin.
“Chantall, je was net bezig met die takken in zakken te stoppen, dus dat moet je even blijven doen”, zegt vriendin M. terwijl ik word afgeleid door een roze potje met een gat erin dat ik eventueel wel of niet ergens voor zou kunnen gebruiken.
“Chantall, je moet nu die zakken even bij de voordeur gaan zetten, dan kan het naar de stort.”
“Chantall, we doen nu eerst dit stuk en dan dat andere stuk.”
“Chantall, ik denk dat je deze struik nu wel genoeg hebt afgesnoeid.”
“Okay.”
In een paar uur heeft vriendin M. de tuin volledig trouwfeest-klaar gemaakt. En ik heb heus wel iets gedaan, maar dat iets was vooral in totale verbijstering aanschouwen hoe een vrouwtje van 1.50, en net als ik geen 18 meer, zo voortvarend, gedreven en actief de hele boel aan kant kreeg. Ondertussen reed m’n vadertje van 73 met z’n kleinzoon 2 keer naar de stort om al het tuinafval te dumpen.
“We wilden daar eigenlijk een soort photo booth gaan neerzetten tijdens het trouwfeest”, zeg ik tegen vriendin M. en ik wijs op een stapel dakpannen. “Die liggen al 15 jaar in dat hoekje en ze zijn al 15 jaar een doorn in m’n oog, maar ja, als er ooit dakpannen van het huis af vliegen, dan moet je wel nieuwe hebben, dus, ehm, eh, eh.”
“Zullen we ze in de schuur leggen?”, vraagt vriendin M.
En terwijl ik naar de opgeknapte tuin keek, kwam er ook weer wat ruimte in m’n hoofd.
“Nee, we gaan die dakpannen in de tuin leggen! En dan komen alle plastic dinosaurussen die we vragen voor ons huwelijk daar bovenop!”
Ruud en ik willen geen ingewikkelde trouwcadeaus, geen enveloppen, geen toestanden. In plaats daarvan hebben we aan onze gasten gevraagd om plastic dino’s bij de kringloop te scoren. Omdat ook plastic dino’s een tweede leven verdienen. En die wilden we sowieso in de tuin gaan zetten.
“En als er allemaal dakpannen liggen, dan komt er ook geen onkruid meer, of in ieder geval een heel stuk minder, dus dat scheelt me heel veel tijd en stress in de toekomst. Hoera!”
Vriendin M. en ik sleepten de hele stapel dakpannen van het hoekje naar een leeg stuk in de tuin. Ik zette er de plastic dinosaurussen die al aanwezig waren bovenop.
Dino Dakpan Mountain was geboren.





Ik kwam hier na volgens mij een jaar of vijftien ineens weer terecht. En het mooie is: je bent nog steeds Luna. Ik herkende je schrijven onmiddellijk. Ik las je vroeger al en herinner me zelfs de PloesieWoesies nog. Wat leuk dat je binnenkort gaat trouwen. Dat wordt een fantastische dag. Weet ik zeker… 💕✨💃