LUNA EN DE DEUR DIE DICHT MOEST
Dit jaar kwam ik op straat iemand tegen die ik nog kende van vroeger.
“Ik ben dakloos”, zei ze.
“Wat is er gebeurd?”, vroeg ik.
De dakloze vrouw bleek tijdelijk bij een drugsdealer te verblijven en ze vertelde dat ze bang was. Voor hem. Dat ze van hem eigenlijk de deur niet uit mocht. Ik overlegde met Ruud en we besloten haar in huis te nemen met de gedachte dat het tijdelijk was.
Ik zat zelf op dat moment ook niet erg lekker in m’n vel, maar ik deed wat ik altijd doe; mezelf zien als Florence Nightingale 2.0. Ik ga voor een ander zorgen, de ander belangrijker maken dan ikzelf, ik kocht alles voor haar wat ze nodig had, mijn vriendinnen doneerden kleding in haar maat tot ze uiteindelijk meer kleding had dan ik en ik maakte een kamer vrij voor haar.
Ik belde 2 weken lang alle instanties en instellingen af waar ze misschien terecht zou kunnen, maar uiteindelijk kwam ik erachter dat ze nergens meer welkom was. En dat bleek, achteraf, volledig haar eigen schuld. De dakloze vrouw heeft met haar agressie, met haar persoonlijkheid, overal, bij alle instanties, bij alle instellingen, bij familie, alles kapot gemaakt, zodat ze nergens meer welkom is. Ik zei dan ook regelmatig tegen haar; “Waarschijnlijk is dit je laatste kans op een normaal leven, dus doe je best, ik kan het niet voor je doen.”
Maar ik deed uiteindelijk wel heel veel.
Ik regelde dat ze weer een huisarts kreeg. Dat haar voormalige psychiater haar weer terugnam in zijn praktijk. Ik zorgde ervoor dat ze haar medicijnen weer kreeg en innam, ik zorgde ervoor dat ze een paar dagen per week vrijwilligerswerk kon doen. Ik kookte voor haar, ik deed haar was, ik deed de afwas. En Ruud betaalde haar schulden af bij haar zorgverzekeraar, zodat ze nog wel verzekerd zou blijven.
Maar ik kon zelf nergens heen, want ik wilde haar niet alleen laten. Ik vertrouwde haar niet alleen in huis, behalve als ik een kleine boodschap ging doen, dus ze moest overal mee. Mee naar het huis van Ruud om dat leeg te trekken en schoon te maken, mee naar mijn vader, mee naar m’n schoonouders. Ik sprak niet meer met vriendinnen af, al kwam er een keer een vriendin hier, maar ook die ontmoeting wist de dakloze vrouw te verpesten met haar negativiteit. Ik kon niet vrijuit meer praten met Ruud en ik lag nachten wakker over hoe ik in Godsnaam met deze situatie om moest gaan. Het zorgen voor haar begon te voelen als overleven voor mij.
Uiteindelijk bestond elke dag uit ruzie. Uit drama. Alle gesprekken gingen bijna 2 maanden lang alleen nog maar over haar.
Tijdens onze laatste ruzie stond ze schreeuwend tegenover me op een paar meter afstand en riep dat ik haar niet aan moest raken. Het laatste wat ze tegen me zei was: “Jij bent egoïstisch.” En dat was voor mij de druppel. De dakloze vrouw liep boos de deur uit en ik wist: ik doe die deur niet meer voor haar open.
Terwijl ik hyperventilerend op de bank zat heb ik vrienden gebeld en zij hebben al haar kleren en spullen in vuilniszakken gedaan en weggebracht. Ik had dat zelf zowel mentaal als fysiek niet gekund, maar ik ben ze eeuwig dankbaar.
Ook nadat ze weg was, zat ze nog minstens twee maanden in mijn lijf, mijn hoofd en mijn huis. Wat tijdelijk had moeten zijn, heeft meer impact op me gehad dan ik had kunnen overzien. Haar de deur uitzetten voelde als falen, maar haar hier nog 1 dag langer houden had mij en misschien wel m’n relatie kapot gemaakt.





Tjonge wat een verhaal. Uit goedheid en compassie iemand helpen en dan zoveel stress. En dan hebben ze je, een tijdje terug, nog wel voor de zorg “laten gaan”.
Wat een mooi stel zijn jullie.
Je liet de mooiste jij in je naar boven komen, dat siert je. Niemand kan op tegen een mens zoals zij. Jij faalde niet en was ook niet te naïef of wat je jezelf ook zou willen aanpraten. Het ligt niet aan jou maar allemaal aan haar. Jammer dat ze zo is als ze is. Jij bent een mooi en puur mens.
Ik zou waarschijnlijk niet zó ver zijn gegaan, maar heb het ook wel meegemaakt dat ik te ver over mijn grenzen liet gaan bij het proberen te helpen van iemand. Ik herken de dynamiek wel. Wat een akelige toestand, zeg…