web analytics

1

LUNA IS NIET VOOR DE WINTER GEMAAKT

Ik zal als klein meisje vast wel eens met veel plezier in de sneeuw hebben gespeeld. Een kwartiertje waarschijnlijk. En ik zal heus wel eens een sneeuwpop hebben gemaakt. Maar 1 van de herinneringen aan sneeuw en kou is dat ik met m’n moeder naar haar moeder, mijn oma, ging. Omdat het zo erg had gesneeuwd en nog steeds vroor, moesten we lopen en konden we niet met de fiets. In die tijd hadden mijn ouders geen auto. Tijdens de wandeling van zo’n 20 minuten begon ik halverwege te huilen dat ik het zo koud had. M’n moeder vond dat ik niet zo moest zeuren en ik moest maar gewoon doorlopen, dan werd ik vanzelf wel warm. Eenmaal bij m’n oma aangekomen zag ik dat m’n moeder schrok, omdat ik m’n vingers en voeten echt niet meer kon bewegen en dat ik niet had overdreven.

Wintersport. Nooit begrepen. Toen ik een jaar of 17 was ging ik met m’n toenmalige schoonouders naar Holzgau in Oostenrijk. Hartstikke lief natuurlijk dat ze mij ook meenamen, maar toen was de kou nog steeds niet aan mij besteed. We gingen een avondje rodelen, nog zoiets waarvoor je mij eigenlijk nooit zou moeten vragen, maar aan het einde van de avond waren mijn tenen ijs- en ijskoud. Ik zat huilend op de bank en ik herinner me dat mijn schoonmoeder een half uur bezig was om m’n voeten weer warm te wrijven in het vakantiehuisje.

Tijdens de jaarwisseling van 1999 naar 2000 ging ik met ex-partner P. en een groep vrienden naar Val Thorens in Frankrijk. Ook iets met wintersport. Terwijl iedereen ging snowboarden of skiën, bleef ik in m’n eentje in de vakantiebungalow en las ik een boek. Of 10. Ik was blij dat na een paar dagen iemand met z’n snowboard was gevallen en de pistes niet meer op kon. We hebben de rest van de week bij de open haard zitten Playstationnen.

Gisteren dacht ik dat ik wel even kattenvoer kon gaan halen bij de supermarkt. Wandelend. Door de sneeuw. Want, toegegeven, het geluid van knisperende sneeuw onder je voeten vind ik wel iets hebben. Maar ik heb geen snowboots meer, geen dikke winterlaarzen met rubberen zolen. Die hebben de katten ergens vorig jaar volledig onder gepist. Dus ik ging op m’n sneakertjes. Het was afschuwelijk en op de helft van de heenweg had ik al spijt. De sneeuw was zo hoog dat bij elke stap die ik zette een hoopje sneeuw aan de achterkant van m’n sneakers m’n beenwarmers en maillot nat maakte. M’n voeten bevroren. De zool van de sneakers liet los, waardoor er ook sneeuw tussen de zool en de rest van de schoen kwam te zitten. Veel later dan een normaal supermarkt-bezoekje zou moeten duren kwam ik thuis aan.

“Ik dacht dat je bij je vader koffie was gaan drinken”, zei Ruud.

“Ik doe dit nooit meer. Nooit. Nooit. Nooit. En ik wil nooit met je op wintersport. Ik wil nergens naartoe waar het koud is, ik wil niet meer naar buiten de komende dagen, ik ga geen boodschappen meer doen totdat die sneeuw weg is”, zei ik toen ik m’n jas, m’n sjaal, m’n muts, m’n bevroren schoenen en m’n handschoenen van mezelf af pelde. “Ik doe het niet, ik doe het niet. Sneeuw is iets voor op een schilderijtje van Anton Pieck, of om gewoon vanuit je raam te bekijken. Ik ga de deur niet meer uit. Nooit meer.”

“Okay”, zei Ruud.

Dit vind je misschien ook leuk...

1 reactie

  1. inkie schreef:

    Begrijp je volkomen. Hier ook totale HAAT (ietwat overdreven) jegens winter, kou en vooral sneeuw die over gaat in die vieze gore modder zooi. Bah.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *