HOE 1 POEZENHAAR JE KAN BREKEN

De camera is uit.

De cameraman, de geluidsman en de regisseur zijn wat met elkaar aan het overleggen en ik probeer de presentator een beetje op z’n gemak te stellen, want hij heeft overduidelijk nog nooit een vibrator in z’n handen gehad. Of probeer ik mezelf op m’n gemak te stellen door maar wat van me af te praten? Ik voel me helemaal niet relaxt met 4 vreemde mannen in m’n huis. Ik heb het gevoel dat ik me moet bewijzen. Mezelf moet uitleggen. Me moet verantwoorden voor datgene wat ik doe. Voor mijn baan. Voor mijn leven. Voor mij.

“Deze vibrators zitten al jaren in die bakken hoor”, zeg ik tegen de presentator. “Ik gebruik ze echt niet elke dag en ik ben ook echt niet elke dag aan het testen hoor. Ik bewaar alleen de goede en de hele slechte en sommige bewaar ik om met elkaar te vergelijken, want sommige merken komen dus met een 2.0 versie en dan wil ik wel weten of die nieuwe echt beter is dan de vorige en dat kan alleen door ze naast elkaar te laten trillen.”
De presentator knikt.
“En alles zat ooit in kartonnen verhuisdozen, maar ik heb er hele leuke ladekastjes voor gekocht en daar alles enigszins georganiseerd ingedaan, maar het blijft bij mij toch altijd een beetje een chaos, maar ja, dat is alles bij mij, ADHD, hoarder, drukdruk, kijk, zoals deze bijvoorbeeld, die kan eigenlijk gewoon weggegooid, want die was best geinig om een keer te testen, maar die zou ik er nooit meer bijpakken voor het echt, en ooooh, kijk, hahahaha, moet je kijken, hier zit een haar op van Bruce.”
“Bruce?”, vraagt de presentator.
“Ja, Bruce Lee, die zwarte kat die naast je op een stoel ligt. De katten gaan ook overal tussen liggen op m’n kantoor en sommige materialen trekken gewoon ontzettend veel stof en haar aan, dat is nou eenmaal zo. ”

De camera gaat aan.

De presentator pakt een vibrator.
En ja, precies die vibrator waar een haar van Bruce op zit.

“Hier zit nog een poezenhaar op”, zegt de presentator.

ARE YOU FOR FUCKING REAL? Ga jij nou echt dit grapje maken? Ik heb het je net allemaal uitgelegd! Dit was MIJN grapje. En het was niet eens een grapje. Ga je het nu echt zeggen? Ga je nu zeggen wat ik denk dat je gaat zeggen? Ga je dat nu echt doen? Ga je het doen? Ga je nu echt datgene zeggen wat elk jongetje van fucking 14 jaar ook zou zeggen?

“Is die van jouw poes?”, vraagt hij.

Hij heeft het gezegd. LOSER. Ongelofelijke loser.

“Ja”, zeg ik.
En daarna zeg ik: “Maar Jesus, wat een ontzettend flauw grapje!”

“Ik weet gewoon zeker dat ze het zo gaan knippen en plakken dat ze al mijn reacties, mijn grapjes, mijn cynische antwoorden eruit laten”, huil ik een paar dagen later tegen m’n man.
“Nee joh, dat gaat echt wel meevallen”, zegt J.
“Nee, ik weet het zeker, dat van die haar van Bruce, ik ben zo eerlijk en naïef om dat dan zelf te zeggen als de camera uit is, gewoon gezellig, gewoon leuk, maar dan gaat hij erover beginnen als de camera draait en dat is gewoon achterbaks, echt, ik vind het niet eerlijk, echt niet hoor en dan zul je zien dat ze eruit knippen dat ik heb gezegd dat ik het een flauw grapje vind.”
“Nee, schatje, dat zullen ze echt niet doen.”

Maar dat is precies wat ze wel hebben gedaan.

LUNA IS EEN POESJE ZONDER HANDSCHOENEN

De regisseur staat met zijn rug naar me toe en fluistert iets naar de presentator. Het enige wat ik kan verstaan zijn de woorden ‘vergeet je niet’. Daarna wijst de regisseur naar het borstzakje van de presentator en de presentator knikt bevestigend. Hij zal het niet vergeten.

Ik word geïnterviewd voor een tv-programma en ik heb van tevoren met de redactie afgesproken dat het allemaal wel een beetje serieus en integer wordt, want als het over seksspeeltjes gaat en zeker over het testen van seksspeeltjes, dan is het nogal snel ‘hihihi, hahaha’ en dat snap ik, want het is ook best lachen allemaal, maar het is wel een onderwerp waar ik ontzettend veel verstand van heb en het is vooral ook een onderwerp waar vrouwen én mannen wat meer verstand van zouden mogen krijgen.

Het lijkt de regisseur wel leuk als ik een paar bakken met seksspeeltjes op tafel zet en dat de presentator en ik dan diverse speeltjes bespreken. Prima. Ik heb zelf gisteren een selectie gemaakt met seksspeeltjes die ik eigenlijk graag zou willen laten zien en bespreken, maar als de regisseur eerst een shot wil maken van een tafel vol vibrators, ach, waarom ook niet? Ik heb er immers een heleboel in huis en er ook een heleboel getest en ik snap dat zo’n tafel vol seksspeeltjes er behoorlijk indrukwekkend uitziet. En dat dat een shot is dat je als regisseur gewoon wil hebben. Dus ik til 4 lades uit de ladekasten uit m’n kantoor en zet de bakken op de eettafel. “Is dat alles?”, vraagt de presentator droog. “Nee joh, ik heb er nog véél meer”, zeg ik lachend. Dan haalt de presentator een setje plastic handschoenen uit z’n jasje en begint ze aan te trekken.

Oh.
Okay.
Dat heeft de regisseur dus net tegen de presentator gesmiespeld.

Plastic handschoentjes? Really? Wat flauw! Maar wat moet ik nu? De camera draait, ik moet snel een gevat antwoord bedenken. Ik moet iets zeggen! Maar wat? Nu! Zeggen dat ik alle speeltjes na gebruik schoonmaak met toycleaner? Wat denkt hij wel niet?! Of dat de speeltjes die hier op tafel liggen al maanden in een la hebben gezeten en vaak al jaren niet zijn gebruikt? Dat ik niet meer mee wil werken met het programma als ze zulke stomme grapjes gaan maken? Ik moet wat zeggen! Nu! Nu! De camera draait! Die handschoentjes zorgen precies voor het ‘hihihi, hahaha’-gehalte dat ik niet wil! Oh! Ik weet het allemaal niet meer! Het wordt het tegenovergestelde van blanco in m’n hoofd. Moet ik zeggen dat ik dit niet heb afgesproken met de redactie? Is dit wel iets wat je kan afspreken met een redactie? Het moet nu! Nu! De camera draait! Overdrijf ik misschien? Is dit een grapje wat moet kunnen? Is het eigenlijk wel een grapje? Of wil de presentator serieus mijn seksspeeltjes niet aanraken zonder plastic handschoenen? Moet ik zeggen dat er waarschijnlijk meer bacteriën op m’n deurknoppen zitten? De camera draait! Ik wil hierop reageren! Nu! Nu! Nu!

“Ja, je weet maar nooit waar die speeltjes allemaal geweest zijn hè?”, zeg ik met een glimlach.

Als na 4 uur de tv-opnames eindelijk klaar zijn is het de hoogste tijd voor de regisseur, de geluidstechnicus, de cameraman én de presentator om wat selfies te maken tussen en met mijn seksspeeltjes. Hihihi. Hahaha. De regisseur pakt een grote, zwarte dildo in z’n hand en de presentator een paarse duo-vibrator met ronddraaiende ballen. Met mijn boekenkast op de achtergrond gaan de mannen in een ‘en garde’-houding staan. Of ik misschien even een foto van ze kan maken?

Even later staar ik naar een smartphone-scherm met daarop een foto waarop zowel de regisseur als de presentator een superslecht seksspeeltje in hun handen hebben.

En ze hebben allebei geen plastic handschoenen aan.

LUNA VOELT ZICH NIET SERIEUS GENOMEN

“En dan lijkt het ons leuk als jij naar de slaapkamer gaat en dat de presentator beneden even blijft wachten tot jij de vibrator getest hebt”, zegt de redacteur.

Morgen komt er een televisieploeg langs en de redacteur heeft me gebeld om nog even wat dingen door te nemen.

“Nou, dat lijkt mij helemaal niet zo leuk”, zeg ik.
“Ja, maar je hoeft dan niet echt een speeltje te gaan testen natuurlijk.”
“Nee, maar dan nog. Ik ga echt niet meewerken aan de suggestie dat ik een seksspeeltje zou testen terwijl er ondertussen een vreemde man in m’n huis is. Alsof ik dat ooit zou doen. Echt niet.”
“Ja, maar wij zijn op zoek naar een rond verhaal en hiermee is het script mooi rond.”
“Maar ik ga dat echt niet doen hoor, echt niet, het is al zo’n lastig onderwerp en het wordt al snel lachwekkend en als ik doe alsof ik tussendoor een seksspeeltje ga testen en daarna de slaapkamer uitkom met een vibrator in m’n handen, dan maak ik mezelf belachelijk. Ik wil het wel een beetje serieus allemaal en er kan heus een grapje gemaakt worden en ik ben echt heel geinig en gezellig, maar ik ga ondertussen geen vibrator testen.”
“Oh, okay, ik ga het even overleggen.”
“Ik doe het echt niet.”

De volgende dag loopt er een regisseur door m’n huis, op zoek naar een plekje om het interview op te nemen.

“Mogen we je slaapkamer even zien, want het lijkt me wel leuk om daar het interview te doen”, zegt hij.
“Nee”, zeg ik, “je kunt het interview opnemen in m’n kantoor, aan de eettafel of in de woonkamer. Ik ga echt niet op m’n bed zitten of liggen.”
“Waarom niet?”
“Omdat de slaapkamer van mij en m’n man en de hond is. Privé.”
“Maar we moeten de dingen wel brengen zoals ze zijn.”
“Ja, nou, ik kan prima een heleboel vertellen over alle seksspeeltjes die ik heb, maar dan wel aan de eetkamertafel. Ik ga niet op bed liggen, hoe stom is dat. Hoe flauw.”

“En we gaan ook nog vibrators opensnijden hè?’, zegt de regisseur.
“Eh, nou, volgens mij niet”, zeg ik.
“Maar je snijdt ze toch ook altijd open nadat je ze getest hebt?”
“Nee.”
“Dat dacht ik.”
“Nee, een vriend van mij heeft dat een keer voor me gedaan en hij heeft die foto’s doorgestuurd, maar ik heb dat zelf nog nooit gedaan. Ik wil het wel gaan doen in de toekomst, maar het is dus niet iets waar ik op dit moment verstand van heb.”
“Dus we kunnen het wel doen?”
“Ik kan wel een vibrator opensnijden, geen probleem, maar ik heb helemaal geen verstand van motortjes of techniek, dus ik kan er eigenlijk helemaal niks bij vertellen.”
“Dus we kunnen het wel doen?”

“En welke vibrator gaan we straks reviewen?”, vraagt de regisseur.
“Deze heb ik nog niet getest, maar hier kan ik zo op camera wel wat over vertellen, want dit is een hele mooie en een hele goede, van een goed merk”, zeg ik terwijl ik ‘m de We-Vibe Nova laat zien.
“Maar je hebt ‘m nog niet getest?”
“Nee, maar ik kan er heel veel over vertellen, want ik heb ‘m al aangezet, en er over gelezen bij Amerikaanse reviewers.”
“Maar je hebt ‘m zelf nog niet getest?”
“Nee.”
“Ja, nee, dat kan niet, je moet ‘m wel getest hebben, het moet wel allemaal eerlijk en echt zijn.”
“Ik kan hier heel eerlijk wat over vertellen.”
“Ja, nee, als jij ‘m nu even gaat testen, dan gaan wij even ergens lunchen en dan komen we over 1,5 uur weer terug.”
“Ik had met de redacteur afgesproken dat we dit niet zouden doen.”
“Ja, je wilde ‘m niet testen als er iemand in huis was, maar wij gaan dan toch weg?”
“Nee, dat is precies hetzelfde! Helemaal precies hetzelfde! Dan maken jullie even een shotje van een lunchende presentator en dan komen jullie terug en dan vragen jullie hoe ’t was. Daar ga ik echt niet aan meewerken, ik doe het niet, ik doe het niet, ik doe het niet.”

“Hoe ging het?’, vraagt J. als hij die middag thuis komt uit z’n werk.
“Ik weet het niet”, zeg ik sip, “ik moest m’n grenzen heel erg bewaken en ik voelde me eigenlijk niet zo serieus genomen.”
“Zal ik jou eens even serieus nemen?”
“Nou, dat is echt het laatste waar ik nu zin in heb.”
“Kom dan maar even heel dicht tegen me aan liggen op de bank.”

LUNA EN EEN LUSH-DECEPTIE

Sinds ik in het bezit ben van mijn Lush Legends-pakket kan ik mijn geluk niet op. Ik douche 2 keer per dag en ik smeer me daarna uitgebreid in met diverse massage bars en body butters. Ik heb alle Lush-producten in mijn kantoor staan, dus m’n kantoor ruikt, net als ik, naar een Lush-winkel. Ik hou hier heel veel van en we hebben hier in huis al een nieuw werkwoord bedacht; Lushen. Ik ga niet meer douchen, maar ik ga Lushen.

En zoals dat gaat met iedere verslaving; je wil alleen maar meer! Meer! Meer! En nu kan je veel van mijn man zeggen, maar niet dat hij niet weet hoe hij de verslaving van zijn vrouw moet faciliteren.

Hij had een advertentie op Marktplaats.nl gezien. Van een meisje dat diverse Lush-producten aanbood. “Zal ik haar even mailen?”, vroeg mijn man. De advertentie: ‘Diverse Lush/Lush Kitchen producten, ik ben iets te enthousiast geweest met inslaan. Niks is van de SALE! Alles is nog nieuw en ongebruikt en binnen de houdbaarheidsdatum.’ Daaronder volgde een opsomming van alle producten die op de foto stonden en die ze te koop had, inclusief de bijbehorende prijzen die ze hanteerde. Haar prijzen scheelden maar enkele euro’s met die van de Lush-winkel, maar J. mailde wat op en neer en kwam na een uurtje onderhandelen uit op een prima prijs. Het meisje dat de Lush-producten aanbood zou er nog wat extra Lush-producten bijdoen, inclusief wat Lush-testertjes en inclusief een full size potje met heel bijzondere Lush-bodylotion die ze zelf 1 keertje had gebruikt, maar waar ze uiteindelijk allergisch voor bleek.

We moesten sowieso in de buurt van Rotterdam zijn, want we zouden een nachtje in een hotel slapen, dus we konden de doos met Lush-producten wel even bij het Marktplaats-meisje gaan ophalen. Nog meer Lush-producten! Ik zat al kirrend en klappend in de auto.

De overdracht zelf vond binnen 2 minuutjes plaats. Het Marktplaats-meisje deed open, we liepen mee naar een ietwat smoezelige studentenkamer en ze gaf me grote schoenendoos vol met Lush-producten in m’n handen. In de studentenkamer van nog geen 12 m² stonden 3 grote caviakooien, inclusief cavia’s, maar toch rook de studentenkamer naar een Lush-winkel. “Goh, je ruikt die Lush-producten ook overal doorheen hè?”, zei ik tegen het meisje.

Check het even”, zei J. toen we weer terug in de auto zaten, “nu kunnen we nog terug.”
“Nee joh, dat zit wel goed”, zei ik, “moet je zien, die hele doos zit vol! En tijdens het mailen kwam ze toch ook over als iemand die helemaal fan is van Lush? En moet je ruiken! Hoe lekker!”

Dit was 1 van de weinige keren dat ik naar mijn man had moeten luisteren.

Toen we, een dag later, weer thuis waren en ik de doos met Lush-producten van het cavia-meisje uitgebreid wilde besnuffelen en bekijken kwam ik tot de conclusie dat alles was gebruikt. Alles. Er zat een blonde haar vastgekoekt op een shampoo bar en de stukken zeep waren kromgetrokken. En als iets mij smerig lijkt is het wel om een stuk zeep te gebruiken dat ook al is gebruikt door een onbekende. Alle Lush-producten in een flesje waren maar voor de helft vol. So much voor ‘ongebruikt’.

Op de sticker, die ooit het zakje van een stuk Snowcake zeep had dichtgeplakt kon ik nog ergens het jaartal ‘2009’ lezen. Had ze me nou echt een 7 jaar oud product verkocht? En dat terwijl Lush-producten gemaakt worden met verse ingrediënten en zonder conserveringsmiddelen, dus daarom juist maar beperkt houdbaar zijn. Nadat ik alle andere producten had gecheckt bleek alles 1 tot 2 jaar over de datum en de rest had niet eens meer een houdbaarheids-sticker. Er was 1 product houdbaar tot eind 2016. So much voor ‘alles binnen de houdbaarheidsdatum’.

De Sikkim Girl-bodylotion waar ik me zo ontzettend op had verheugd zat in een Lush-bakje zonder stickers. Althans, in dat bakje zou die bodylotion moeten zitten, maar ik betwijfel het, want de geur die eruit het bakje opsteeg was die van, van, van, ja, van wat eigenlijk? Het was in ieder geval geen Sikkim Girl-bodylotion. En aangezien de rest van de producten allemaal gebruikt en buiten de houdbaarheidsdatum waren, gooide ik dit potje met ‘Sikkim Girl-bodylotion’ ook maar in de vuilnisbak. Naast de Lush-testertjes die ik niet eens meer open maakte, omdat ik er voor het gemak maar voor uit ben gegaan dat die ook én gebruikt én over de houdbaarheidsdatum waren. Ik kon wel janken.

Dan ben je 40. En dan ben je nog zo naïef om te denken dat ieder mens uiteindelijk het beste met een ander mens voorheeft.

You may say I’m a dreamer.
But I’m not the only one.

Ik hoop dat haar cavia’s voor het komende jaar te eten hebben.

LUNA EN HET LUSH LEGENDS-CADEAU

Bij het Lush-potje met Handy Gurugu-handcrème dat ik van dochter S. kreeg zat ook een soort catalogus van 168 pagina’s met daarin alle Lush-producten. Ik weet niet of het kwam doordat dit boekje al een tijdje in een Lush-winkel had gelegen, of doordat ze het papier expres hebben geïmpregneerd met een Lush-geurtje, maar het boekje rook heerlijk. Naar een Lush-winkel. En iedereen die wel eens langs een Lush-winkel is gelopen weet hoe een Lush-winkel ruikt, want de geur is onmiskenbaar en vaak al vanaf een meter of 20 op straat te ruiken.

Maar hoe lekker ik een Lush-winkel altijd al vond ruiken, ik ging er nooit naar binnen. Want; te duur, onzin en wat moet je ermee? Toen ik een half jaar geleden met dochter S. in Londen was, waar ze de allergrootste Lush-winkel ter wereld hebben, ben ik er, voor de vorm, even naar binnen gelopen om daarna snel weer naar buiten te gaan. “Nee, hier kopen we niks”, had ik gezegd, “veel te duur.”
Nu zat ik al een week lang, elke avond en dan ook echt de hele avond, met de Lush-catalogus in m’n handen op de bank en had ik spijt dat ik niks in de Lush-winkel in Londen had gekocht. Dan had ik eerder aan m’n verslaving kunnen beginnen.

Ik rook aan de pagina’s en verlekkerde me ondertussen aan alles wat er te koop was.
Want ik wou het allemaal.
Maar dan ook echt allemaal.
Allemaal.
Alles.

Mijn oog viel de aller-aller-grootste cadeaudoos met de naam ‘Lush Legends‘; Woorden schieten eigenlijk te kort als het gaat om dit cadeau met onze 25 bestsellers. Voor de echte Lush-lover. Als ware het bonbons stellen deze producten zich aan je voor, stuk voor stuk zijn het allemaal zelf legendes!’ De prijs van dit cadeau: € 195,95.

“J., het slaat nergens op, maar ik ga het doen. Ik ga een doos met 25 Lush-producten voor bijna € 200,- kopen”, zei ik.

J. schrok niet van de prijs. Die doos had z’n geld nu al opgebracht, vond hij, want ik zat al een week lang rustig op de bank met de Lush-catalogus, zonder hem lastig te vallen met ingewikkelde vragen over hoe het op z’n werk was, wat z’n dromen zijn voor de toekomst, hoe hij zich voelde en wanneer hij van plan was om de garage op te ruimen. De Lush-catalogus hield z’n vrouw stil en kalm. Over wat zo’n Lush Legends-pakket allemaal met me zou doen, daar kon hij dus echt alleen maar van dromen in de toekomst.

“Ik ga het doen hoor!”
“Ik ga het doen!”
“Echt hoor!”
“Je hoeft jezelf niet te verantwoorden hoor”, zei hij. “Als jij er blij van wordt, dan moet je het doen.”
“Maar ik doe het echt hoor! Echt!”

En ik deed het.

LUNA GAAT VAN NIVEA NAAR LUSH IN 0.1 SECONDE

“Wat heb je bij de Lush gekocht dan? Dat is toch veel te duur? Zonde van je geld hoor!”, zeg ik tegen dochter S. als ik haar, met een Lush-tasje in haar hand, weer tref op Amsterdam Centraal na een dagje shoppen. Zij is met een vriendin op pad geweest in de Kalverstraat en ik ben met vriendin Y. naar de Ij-hallen geweest. Aan het einde van de dag zou ik dochter S. en haar vriendinnetje mee uit eten nemen bij een sushirestaurant. “Maar wat heb je nou gekocht?’, vraag ik nog een keer als we richting het restaurant wandelen en ik word bijna een beetje boos dat ze zo dom is geweest om haar geld uit te geven bij zo’n dure winkel als de Lush. Dan kan ze toch beter naar de Kruidvat! Of de Etos! Ze is 15! Hallo! “Ik laat het zo wel zien in het restaurant”, zegt ze.

Ik ben geen make-up-meisje. Nooit geweest ook. Al zou je dat op het eerste gezicht misschien niet zo zeggen, want je zult mij nooit zonder zwarte oogschaduw, zwarte eyeliner en zwarte mascara zien. Ook ’s nachts niet. Dan laat ik het gewoon zitten en ik staar de volgende ochtend zoals iedere ochtend naar mijn zwart-opgemaakte ogen in de spiegel. Blijft gewoon keurig zitten tijdens een nachtje slapen. En ik weet dat het slecht is om je make-up ’s nachts te laten zitten, maar ik ben dus geen make-up meisje en ik vind het teveel gedoe om het er ’s avonds af te halen als je het er ’s ochtends toch weer gewoon precies hetzelfde op doet. Het is vergelijkbaar als het wel of niet opmaken van je bed. Waarom je bed opmaken als je er een paar uur later toch weer in moet? Ik zie het nut er niet van in.

Het beste en waarschijnlijk ook enige beauty-gerelateerde advies dat mijn moeder me ooit gegeven heeft; ‘Het maakt niet uit wat je smeert, als je maar smeert.’ En dit advies heb ik jarenlang opgevolgd. Zowel je gezicht als je lijf smeer je in met Nivea en dat is dan dat. Zijn de flessen Sanex in de aanbieding in het krantje van de Kruidvat, dan haal je daar meteen 3 flessen van en met welke shampoo ik m’n haar was is afhankelijk van de aanbiedingen in datzelfde krantje. Natuurlijk heb ik ook wel eens doucheschuim gekocht van de Rituals of dure gezichtcrèmes. Maar iets in mij zei altijd; onzin. Veel te duur. Zonde van je geld.

Als we in het sushirestaurant een drankje hebben besteld schuift dochter S. het Lush-tasje naar mij toe. “Heb je iets voor mij gekocht?”, vraag ik. Uit het tasje haal ik een zwart potje met daarop geschreven ‘Handy Gurugu’. Een potje handcrème. Voor mij! “Je had toen toch een keer gezegd dat je die handcrème met vanille zo lekker vond en dat je die nergens meer kon vinden”, zegt dochter S., “hier zit ook vanille in.”

Dat ze van het geld dat ik haar heb meegegeven geen T-shirtje bij de H&M heeft gekocht, of een flesje bodymist van de Victoria Secret, of 5 hamburgers bij de McDonalds, of een ijskoffie bij de Starbucks, maar een cadeautje voor mij! Bij de Lush! Ja, dat ontroert wel een beetje.

En ik had willen zeggen: “Dat had je niet moeten doen, dat is toch zonde van je geld, een blikje Nivea is net zo goed hoor.” Maar dat deed ik niet. Want toen ik het zwarte Lush-potje opendraaide, met een klein likje crème m’n handen insmeerde en de geur van de Handy Gurugu opsnoof was mijn Lush-verslaving geboren.

AND IF I RECOVER WILL YOU BE MY COMFORT

En ineens had ik er geen zin meer in. Of ineens, ineens, ik had er al weken niet zo’n zin meer in, maar ik deed het toch maar gewoon. Omdat ik het alle dagen, weken, maanden, de 2 jaar daarvoor had gedaan. Het was een constante in m’n leven geworden waar ik nu ineens vanaf moest. Doei.

Het ploggen was verworden tot een soort lullige oppervlakkigheid en stond de laatste 2 jaar regelmatig in schril contrast met de werkelijkheid. Want het aangename van ploggen was dat ik de diepte niet in hoefde te gaan. Net zoals je op Instagram of Facebook de diepte niet in hoeft.

Plogfoto van een pan spaghetti.
Plogfoto van Nina.
Plogfoto van m’n beeldscherm.

Beetje en passant schrijven dat m’n man met een depressie thuis zat.
Beetje en passant laten weten dat de kanker bij m’n moeder weer terug was.
Beetje en passant melden dat er al maanden geen geld op m’n bankrekening werd bijgeschreven.
En passant dat ik zelf ook wel eens een kutdag had.

Ondertussen.
Zorgen om mijn man.
Zorgen om mijn ouders.
Zorgen om de dochter.
Zorgen om de oppaspuber.
Zorgen om ons.

Zorgen die gerelativeerd worden door het feit dat je alles nog draaiend weet te houden. Er wordt nog gegeten. Er wordt nog gewerkt. Er worden nog leuke dingen gedaan met de pubers. De hond leeft nog. De katten leven nog. En dat alles nog draaide was zichtbaar door de plogfoto’s; weer een dag overleefd. Het leven gaat door. Routine. Ritme.

En ploggen hoorde bij m’n ritme.

Plogfoto van Bruce op schoot.
Plogfoto van een kaasplankje.
Plogfoto van de tv.
En nog maar een plogfoto van Nina.

Ik had kunnen schrijven over die keer dat ik zei: “Als je morgen niet naar de dokter gaat, dan ga ik morgen bij je weg.” En dat ik dat natuurlijk niet meende, maar dat hij de volgende dag wel naar de dokter ging.
Of over de honderden keren dat ik zei: “Je moet van die bank af. Ga wat doen. Ga sporten.” Maar dat ik ook wel wist dat het rondje met de hond het hoogst haalbare was voor dat moment.
Of over die ontelbare keren dat er zo’n zwart aura in de woonkamer hing dat ik er dikke plakken depressie van had kunnen snijden. Dat ik boos was. Dat het ook mijn woonkamer was. En dat het vooral ook mijn huis was waar ik elke dag moest werken. Dat het zwarte aura langzaam ook in en om mij ging zitten. Maar dat ik toch maar weer een cake ging bakken en een bloemetjesjurk aantrok.

Plogfoto van de cake.
Plogfoto van de bloemetjesjurk.

Ik schrijf liever over die keer dat we onlangs op onze nieuwe bank zaten en beseften; we hebben het gered. We hebben het goed. We hebben elkaar.

Plogfoto van een kussende J. en Luna.